Kenmerkcode k-301X

Naam:

Algemeen

 

Secundaire auteur / secundair verantwoordelijke

 

Brieven (1e positie van kmc 0500 = "D")

 

Ontvanger

 

Objecten

Opdrachtgever / secundaire vervaardiger

Lengte:

 

Herkomst:

Elke bron

Toelichting:

Algemeen

Richtlijnen naamsverdubbelingen

Schema opnemen en verdubbelen secundaire auteurs

Richtlijnen meerdelige publicaties (MP's) en seriële publicaties (SP's)

Extra informatie in auteursingangen

Schuilletters

Belgische auteurs met prefix(en)

Fotografen, illustratoren e.d.

Idee en concept

Brieven

Objecten

 

Algemeen

 

Algemene richtlijnen: RT1, par. 33; RT3.

 

Zie voor de online versie van RT3: http://www.kb.nl/kb/netuit/fobid/rt3/

 

 

Richtlijnen naamsverdubbelingen

 

Naamsverdubbelingen worden geplaatst op:

 

  • De naam van de persoonlijke auteur in geval van auteurssamenwerking met een corporatieve auteur.
  • De naam van een gefingeerde of anderszins als auteur gepresenteerde niet-auteur.
  • De naam van de eerste auteur bij gedeelde verantwoordelijkheid van meer dan drie auteurs.
  • Telkens de naam van de EERSTE van alle personen die in een gelijksoortige secundaire rol/functie aan de totstandkoming van de publicatie hebben bijgedragen, zoals editors/redacteuren, bewerkers, tekstdichters, etc. Zie RT3 par. K65 en K67 voor een volledig overzicht.

 

Voor wat betreft het onder punt 7 van K65 gestelde, gelden de volgende richtlijnen:

 

  • GEEN verdubbeling op namen van personen die in een subcategorie zijn genoemd (bijv. assistant-editors).
  • GEEN verdubbeling op namen van schrijvers van voor- of nawoord, alsmede ontwerpers van een omslag of andere grafische ontwerpers.
 

 

Schema opnemen en verdubbelen secundaire auteurs

 

Het schema is bedoeld als aanvulling op de hierboven geformuleerde algemene richtlijnen. Om het opnemen van secundaire auteurs in kmc 4000 e.d. en het verdubbelen van deze auteurs enigszins te uniformeren, is dit schema opgesteld.

 

Het schema geeft richtlijnen voor het minimum aantal op te nemen en te verdubbelen secundaire auteurs, niet het maximum. Dit impliceert dat de bibliotheken de mogelijkheid hebben om meer auteurs op te nemen in de formele beschrijving (en deze te verdubbelen). Als een record meer ingangen bevat dan minimaal is voorgeschreven, worden deze dus niet verwijderd door andere bibliotheken.

 

De eerste vraag is of de primaire verantwoordelijkheid voor de publicatie berust bij een persoonlijke auteur of dat de publicatie wordt beschreven op de titel. Daarom valt het schema uiteen in twee onderdelen:

 

  • Auteur is primair hoofdwoord
  • Titel is primair hoofdwoord

 

Vervolgens is het schema ingedeeld naar bron, d.w.z. de plaats waar de secundaire auteur in de publicatie voorkomt. De hieronder geformuleerde bronnen hebben betrekking op boekmaterialen (RT1, par. 7). Specifieke materiaalsoorten kennen eveneens hun bronnen. Dit schema wordt in dergelijke situaties op analoge wijze toegepast.

 

  • Bron 1: De titelpagina
  • Bron 2: De rest van het voorwerk (bijv. de keerzijde van de titelpagina) en de colofon
  • Bron 3: De rest van de publicatie (de inleiding, het voorwoord, de omslag, de rug e.d.)

 

In het rechter gedeelte van het schema wordt aangegeven hoeveel secundaire auteurs in kmc 4000, 4004 e.d. worden vermeld en hoeveel er daarvan worden verdubbeld. Hierbij correspondeert 'Oplossing 1' met 'Bron 1', 'Oplossing 2' met 'Bron 2' en 'Oplossing 3' met 'Bron 3'.

 

In het schema worden twee categorieën secundaire auteurs onderscheiden:

 

  • A. Redacteuren, samenstellers
  • B. Overige auteurs die in een secundaire rol/functie aan de totstandkoming van de publicatie hebben bijgedragen, zoals vertalers, bewerkers, bijdrageschrijvers, degene aan wie een feest- of gedenkbundel is opgedragen, etc.

 

 

Auteur is primair hoofdwoord
Bron 1 Bron 2 Bron 3 Oplossing 1 Oplossing 2 Oplossing 3
X - - 1-3 opnemen per rol/functie*)
1 verd. per rol/functie cat. A en B
- -
- X - - 1 ... [et al.] opnemen per rol/functie
1 verd. per rol/functie cat. A en B
-
- - X - - 1 ... [et al.] opnemen per rol/functie
1 verd. per rol/functie cat. A en B
Titel is primair hoofdwoord
X - - 1-3 opnemen per rol/functie*)
1 (en indien mogelijk 2) verd. per rol/functie cat. A
1 verd. per rol/functie cat B
- -
X X - idem*) 1 ... [et al.] opnemen per rol/functie
1 verd. per rol/functie cat. A en B
-
X - X idem*) - Auteurs worden niet opgenomen en niet verdubbeld
- X - - 1 ... [et al.] opnemen per rol/functie
1 verd. per rol/functie cat. A en B
-
- X X - idem Auteurs worden niet opgenomen en niet verdubbeld
- - X - - 1 ... [et al.] opnemen per rol/functie
1 verd. per rol/functie cat. A en B

 

 

*) In alle gevallen van 1, 2 of 3 secundaire auteurs worden alle namen overgenomen in kmc 4000, 4004, 4006 e.d. Bij meer dan 3 secundaire auteurs per soort/functie wordt slechts de naam van de 1e secundaire auteur per soort/functie overgenomen in kmc 4000, 4004, 4006 e.d., gevolgd door _..._[et al.].

 

 

Richtlijnen meerdelige publicaties (MP's) en seriële publicaties (SP's)

 

 

MP's

  • Bij onzelfstandige deeltitels van een meerdelige publicatie (MP) waarvan de auteurs ook in de koepeltitel voorkomen, worden de auteurs op dezelfde manier behandeld als in de koepeltitel. Als auteurs per deel verschillen worden de afwijkende auteurs per deel in kmc 301X gezet.
  • Wanneer meer dan drie auteurs (als samenwerkingsverband) verantwoordelijk zijn voor de gehele MP d.w.z. voor alle delen, dan worden zowel de koepeltitel als alle delen op de titel ('anoniem') beschreven.
  • Er kan alleen sprake zijn van een auteur als primair hoofdwoord in gevallen dat een tot drie auteurs primaire en gedeelde verantwoordelijkheid dragen voor de gehele meerdelige publicatie d.w.z. voor àlle onzelfstandige delen. In die gevallen wordt bij alle delen van de MP de hoofdauteur in kmc 3000 geplaatst.
  • Bij meerdelige publicaties met zelfstandige delen worden de hoofdwoorden per deel afzonderlijk bepaald. De koepel zal op de titel worden beschreven, behalve als een tot drie auteurs primaire en gedeelde verantwoordelijkheid dragen voor de gehele meerdelige publicatie.

 

SP's

  • Niet periodiek verschijnende seriële publicaties (SP's), zoals reeksen
    Alleen de naam van de eerste redacteur wordt verdubbeld. De verdubbeling blijft achterwege als de beschrijving niet is gebaseerd op de eerste aflevering, tenzij vaststaat dat de redacteur ook verantwoordelijk is voor de eerste aflevering (RT/S par. 48).
  • Periodieken (tijdschriften, jaarverslagen)
    Bij aanwezigheid van een corporatieve auteur wordt geen verdubbeling op de persoonlijke redacteur gemaakt en wordt deze ook niet in kmc 4000 opgenomen. Wel wordt de corporatieve auteur verdubbeld (kmc 312X).
    Bij periodieken wordt in principe nooit een persoonlijke auteur in de auteursvermelding opgenomen en verdubbeld. Alleen wanneer een bepaalde auteur langdurig een prominente auteursverantwoordelijkheid heeft, kan opname en verdubbeling zinvol zijn.

 

 

Extra informatie in auteursingangen

 

In het GGC zijn titels aanwezig waarvan de auteursingangen meer informatie bevatten dan in de betreffende kmc's gebruikelijk is. Dit komt onder meer voor bij retrotitels. Wanneer een record wordt aangetroffen dat in kmc 3000 e.d. een uitgebreidere vorm van een auteursnaam of andere extra informatie bevat, dan wordt deze informatie NIET weggegooid. In deze situatie zijn er twee mogelijkheden, namelijk:

 

  • De titel wordt ongewijzigd in gebruik genomen en de uitgebreidere vorm of extra informatie in de auteursingangen blijft staan.
  • De extra informatie uit de auteursingangen wordt opgeslagen in de persoonsnamenthesaurus, en kmc 3000 e.d. worden omgewerkt tot de vorm van de auteursnamen zoals die in de publicatie voorkomt.
 

 

Schuilletters

 

Algemene richtlijnen: RT3 K51 en V77 (alternatieve regel).

 

 

Aanduidingen van de auteur d.m.v. schuilletters worden in het GGC als volgt behandeld:

 

  • In beginsel worden schuilletters in hun geheel opgenomen als ingangselement. Er vindt geen omzetting plaats. De at-sign (@) wordt geplaatst voor de eerste letter ongeacht de typografie van de letters. Evidente gevallen van predikaten vallen buiten het ingangselement, zoals 'drs.'
  • Als tussen de letters punten voorkomen, worden deze punten in de auteurs-kmc opgenomen, waarbij na de punt geen spatie volgt.
  • Worden twee of meer schuilletters niet d.m.v. een punt gescheiden, dan wordt een spatie tussen de diverse initialen geplaatst in de auteurs-kmc.
  • Als een oplossing van de schuilletters niet mogelijk is, worden de schuilletters ofwel niet gethesaureerd en zonder omzetting als ingangselement opgenomen (voorbeeld 1) ofwel zonder omzetting ingevoerd in de persoonsnamenthesaurus in kmc 100 (persoonsnaam, meest bekende naamsvorm) (voorbeeld 2).

    Voorbeeld 1
    3011 @A.L.
    3011 @A K V

    Voorbeeld 2
    3011 @A.L.!151601534!A.L.
     
  • Als het wel mogelijk is om de schuilletters op te lossen, wordt deze oplossing in de persoonsnamenthesaurus vastgelegd. Van zowel de eerste als van de laatste letter van de schuilvorm wordt naar deze voorkeursvorm verwezen (via kmc 200). In de beschrijving van de publicatie worden de schuilletters, met daaraan toegevoegd het PPN van het thesaurusrecord, geplaatst in kmc 3000; dit in tegenstelling tot de situatie, waarin de schuilletters niet kunnen worden opgelost. In dat geval wordt gebruik gemaakt van kmc 301X.

    Voorbeeld
    3000 @J.V.V.!068423667!Joost van den Vondel (1587-1679)
    4000 @Lucifer / door J.V.V
 

 

Belgische auteurs met prefix(en)

 

Op 23 november 1992 is in de GGC-Gebruikersraad besloten om Belgische auteursnamen met (een) prefix(en), in titelrecords in te voeren alsof het Nederlandse namen zijn. De praktijk is echter dat in het GGC Belgische auteurs zowel op de Nederlandse als de Belgische wijze voorkomen.

In april 2008 heeft de Redactie Richtlijnen het besluit van de GGC-Gebruikersraad uit 1992 herroepen. De huidige richtlijn voor Belgische auteursnamen is dat zij op de Belgische wijze dienen te worden behandeld. Dit is conform de algemene regels en richtlijnen die gelden voor auteursnamen.

Voorbeeld

Dus niet: 3011 Jan/Van@Baeveghem

Maar wel: 3011 Jan@Van Baeveghem

 

 

Fotografen, illustratoren e.d.

 

Fotografen, illustratoren e.d. met een secundaire functie worden conform RT/CAT par. K65 behandeld. Dit betekent dat zij op dezelfde wijze worden verdubbeld als redacteuren, bijdrageschrijvers e.d.

 

 

Idee en concept

 

De rollen of functies 'concept', 'idee' e.d. vallen onder RT3 par. K65 sub 7: "... telkens de naam van de eerst opgenomene van alle personen die in een gelijksoortige secundaire rol/functie aan de totstandkoming van de publicatie hebben bijgedragen, zoals redacteuren, vertalers, enz."

Deze secundair verantwoordelijken worden niet alleen opgenomen in kmc 4000 e.d., maar ook verdubbeld in kmc 301X in het geval van een persoonlijke auteur of in kmc 312X in het geval van een corporatie.

 

 

Brieven

 

Als een ontvanger bekend en een natuurlijke persoon is, wordt deze ingevoerd in kmc 3011; zijn er meerdere ontvangers dan worden de tweede en volgende(n) ingevoerd in kmc 3012, 3013 enz. Als de ontvanger een corporatie is, wordt deze in kmc 3151 ingevoerd. Zijn er meerdere ontvangende corporaties dan worden de tweede en volgende ingevoerd in kmc 3152, 3153, enz.

Als de identiteit van de ontvanger niet is vast te stellen, vervallen kmc 3011 en kmc 3151, en wordt in kmc 4201 een toelichting op het ontbreken van deze kmc gegeven.

 

 

Objecten

 

Zie voor een algemene toelichting: (Museale) objecten formaat en algemene uitbreiding Pica formaat

Omschrijving vervaardiger en opdrachtgever (vrije tekst), zie: kmc 4220.

Met de relatiecode 'pat' (patron) kan de rol van opdrachtgever worden aangegeven.

Invoer:

Kmc 301X kan op twee manieren worden ingevuld:

 

A. Door het invoeren van de auteursnaam in de vorm waarin deze in de primaire bron voorkomt. Hieronder wordt beschreven volgens welke structuur de auteursnaam wordt opgebouwd.

 

 

Voor de meeste materiaalsoorten:

 

B.1. Door het invullen van de auteursnaam in de vorm waarin deze in de primaire bron voorkomt, gevolgd door het PPN van het thesaurusrecord. Het PPN wordt omgeven door ! !.

 

 

Voor de materiaalsoorten D (brieven) en F (handschriften):

 

B.2. Door het invullen van het PPN van het thesaurusrecord. Het PPN wordt omgeven door ! !.

 

 

Een auteursnaam kan uit de volgende elementen bestaan. Dit is deels afhankelijk van het feit of het om een geïnverteerde dan wel niet-geïnverteerde naam gaat. De naam wordt in natuurlijke volgorde ingevuld.

 

 

1. Toevoeging voor de naam, omgeven door # #

 

 

2. Naamselementen

 

 

2a. Geïnverteerde naam

 

  • Voornaam, -namen of voorletter(s)
  • Prefix(en), voorafgegaan door /
  • Ingangselement (achternaam of -namen), voorafgegaan door @. Dit element is verplicht bij een geïnverteerde naam.
2b. Niet-geïnverteerde naam
 
  • Voornaam of -namen als ingang, voorafgegaan door @ en afgesloten met " (aanhalingstekens). Dit element is verplicht bij een niet-geïnverteerde naam.
  • Vaste toevoeging, voorafgegaan door %
  • Sorteerveld bij de vaste toevoeging voorafgegaan door _=_
 

 

3. Toevoeging achter de naam, tussen ronde haken en voorafgegaan door een spatie: _( )

 

 

4. Jaartal(len)

 

 

Het geboorte- en/of sterfjaar, of de werkjaren kunnen worden ingevoerd, omgeven door * *

 

 

Voorbeelden

 

- *1901-1983*

 

- *1950-*

 

- *c. 1800-1858*

 

- *1810-1825 fl.*

 

 

'c.' is de afkorting van 'circa'; 'fl.' (floruit) betekent letterlijk 'hij heeft gebloeid'. Hiermee wordt de actieve, creatieve periode van iemand aangeduid.

 

 

Dit element kunt u aantreffen bij offline ingevoerde records. Het is niet de bedoeling om dit element als catalogiseerder in te voeren. Zodra u de naam thesaureert, verwijdert u dit element uit de kenmerkcode en voegt u deze gegevens, indien nodig, toe aan het betreffende thesaurusrecord.

 

 

5. Pseudoniemoplossing, omgeven door _< >

 

 

Dit element kunt u aantreffen bij offline ingevoerde records. Het is niet de bedoeling om dit element als catalogiseerder in te voeren. Zodra u de naam thesaureert, verwijdert u dit element uit de kenmerkcode en voegt u deze gegevens, indien nodig, toe aan het betreffende thesaurusrecord.

 

 

6. Relatiecode, omgeven door $ $

 

 

Met een relatiecode kan worden aangegeven wat de specifieke functie van een auteur t.o.v. de publicatie is. Deze code mag alleen na overleg met OCLC PICA worden gebruikt.

 

 

7. De volgende elementen kunt u aantreffen bij offline ingevoerde records. Het is niet de bedoeling om deze elementen als catalogiseerder in te voeren. In principe kan deze informatie worden verwijderd.

 

7a. Titel van een publicatie, voorafgegaan door _+_

 

7b. Jaar van uitgave behorend bij de titel van een publicatie (7a), voorafgegaan door _^_

 

 

NB "_" betekent spatie.

Herhaald:

(Sinds december 2008) Herhaalbaar met gelijk volgnummer. Volgnummer 1-9 toegestaan.

Relaties:

Kmc 350X (lokale secundaire auteur)

Nota bene:

 

Voorbeelden:

Geïnverteerde namen

 

3011

Jan@Jansen

 

3011

J.J.@Buskes_(sr.)

 

3011

Gerard/van het@Reve

 

3011

Andrew@Brown_(III)

 

3011

de@Schoolmeester

 

3011

Nat King@Cole

 

3011

G.D.@Bom_(H.Gz.)

 

3011

#Dr.#...@Schmidt

 

3011

Jean/de@La Fontaine

 

3011

P.J.@Bosch van Drakenstein

 

3011

Jacobus@Anthonii_(Middelburgensis)

 

3011

Henriëtte@Roland Holst-van der Schaik

 

3011

Benjamin@Disraeli_(Earl of Beaconsfield)

 

3011

Pietro Paolo@Vergerio_(detto Il Vecchio)

 

3011

Simon@Vestdijk!068207581!Simon Vestdijk (1898-1971)

 

 

Brieven (D) en handschriften (F)

 

3011

Jan@Greshoff

 

3011

!068207581!Simon Vestdijk (1898-1971)

 

 

Niet-geïnverteerde namen

 

3011

#Zuster#@Sonja"

 

3011

@Willem"%III_=_3_(prins van Oranje en koning van Groot-Brittannië)

 

3011

@Willem"%II_=_2

 

3011

@Willem"%I de Veroveraar_=_1 de Veroveraar_(koning van Engeland)

 

3011

@Franciscus"%van Assisi

 

3011

@Albertus"%Magnus

 

3011

@Willem Frederik"

 

3011

#sint#@Jacobus"

 

3011

#Vader#@Abraham"

 

3011

@Pius"%XII_=_12_(paus)

 

3011

@Christiane F."

 

3011

@Albertus"%Magnus!069279365!Albertus Magnus (1193-1280)

 

 

Brieven (D) en handschriften (F)

 

3011

@Franciscus"%van Assisi

 

3011

!069279365!Albertus Magnus (1193-1280)

 

 

NB "_" betekent spatie.

 

Laatste bewerkingsdatum: januari 2009

Laatste bewerkingsdatum: juni 2010 (richtlijnen inzake brieven en objecten toegevoegd)

home > support > ggc > cbs documentatie >

KMCup one level

pica-mail

copyright | sitemap | servicedesk | print